Eerder schreven Reinier Pijls, Heleen Wessel-Krijger, Erik Jansen en Milad Hamidy over de verschillende vormen van financiering. Nieuwsgierig? Lees dan hun verscheidene blogs over onderwerpen als private investeerders, syndicaatsleningen, bancaire financiering, stapelfinanciering en cash pooling. In deze blog gaan Jelle Alkema en Milad Hamidy dieper in op één van die vormen van financiering: de activa financiering (ook wel bekend als 'asset based financing' of 'objectfinanciering').
Datum: 08 januari 2026
Gewijzigd 08 januari 2026
Geschreven door: Jelle Alkema en Milad Hamidy
Leestijd: +/- 5 minuten
Objectfinanciering is een steeds populairder wordend alternatief voor de ‘reguliere’ bankfinanciering. Objectfinanciering kan ook samen met andere vormen van financiering worden gecombineerd in een stapelfinanciering.
In plaats van financiering aan te trekken voor uw onderneming in haar geheel, kunt u met objectfinanciering specifieke goederen financieren. Kenmerkend is dat het object direct verband houdt met de financiering. Dat wil zeggen dat de hoogte van de financiering afhankelijk is van, dan wel gelijk is aan, de waarde van het object dat wordt gefinancierd. Dit maakt dat objectfinanciering zeer geschikt is voor MKB-ondernemingen. De objectfinancier is doorgaans minder gefocust op de kredietwaardigheid van de gefinancierde onderneming, aangezien het gefinancierde object direct zekerheid biedt voor de financiering.
De twee meest voorkomende vormen van objectfinanciering zijn a) lease en b) factoring. In deze blog wordt de lease behandeld. In een aanstaande blog van onze collega Paula Röttjers zal in worden gegaan op factoring. Houd onze website dus in de gaten!
Leasing is een constructie waarbij een lessor een object in gebruik geeft aan de lessee voor een bepaalde periode, waarbij de lessee aan de lessor een vergoeding betaalt. In de regel betreft dit voertuigen of bedrijfsmiddelen zoals machines en dergelijke.
De leaseconstructie is nergens in de wet vastgelegd. Niettemin raakt de leaseconstructie andere wettelijk bepaalde constructies, afhankelijk van hoe de lease is vormgegeven. De drie meest voorkomende typen lease zijn:
Daarbij wordt doorgaans onderscheid gemaakt tussen financial lease en operational lease. De belangrijkste vraag bij de kwalificatie van een leaseconstructie is: was het de bedoeling van partijen om de eigendom van het leaseobject direct of uiteindelijk over te laten gaan op de lessee? Zo ja, dan is er sprake van financial lease. Zo nee, dan is er sprake van operational lease.
Bij operational lease is de lessor volledig eigenaar van het leaseobject, en betaalt de lessee een vergoeding aan de lessor om het object te mogen gebruiken. De risico’s op schade, diefstal en dergelijke ligt doorgaans bij de lessor. Deze constructie is dan ook het best te vergelijken met de ‘reguliere’ huur. De kosten van het gebruik van het leaseobject zijn in de regel meegenomen in de leasetermijnen die de lessee aan de lessor moet voldoen. De leasetermijnen vormen een vergoeding voor het recht om het leaseobject te gebruiken.
Als dat zo is dan, zullen in de meeste gevallen de wettelijke bepaling over de huur van roerende zaken van toepassing zijn. Dat heeft tot gevolg dat er bepaalde vormvoorschriften kunnen gelden en daarnaast ook (dwingendrechtelijke) wettelijke bepalingen van het huurrecht van toepassing kunnen zijn. Het is van belang om hier alert op te zijn.
Soms kan bij een operational lease ook een koopoptie zijn opgenomen, dit maakt het niet direct financial lease. Voor een huurovereenkomst moet wettelijk gezien sprake zijn van het verschaffen van gebruik en van een tegenprestatie. Een koopoptie zorgt er nog niet voor dat de kern – gebruiksverschaffing en tegenprestatie – verandert.
Als de koopoptie dusdanig laag is (dat wil zeggen, lager dan de restwaarde van het leaseobject na afloop van de leaseperiode) dat de lessee bij wijze van spreken geen andere keuze heeft dan het gebruik maken van die koopoptie, dan kan dit mogelijk afbreuk doen aan het element van gebruiksverschaffing. In zo’n geval is het verdedigbaar dat al bij het aangaan van de leaseovereenkomst de bedoeling van partijen geweest is dat de lessee het leaseobject uiteindelijk koopt. Dit kan ertoe leiden dat geen sprake meer is van operational lease, maar dat er eigenlijk sprake is van financial lease, met alle gevolgen van dien. Het is dus zaak om alert te zijn bij hoe de leaseconstructie wordt vormgegeven.
Bij financial lease staat de eigendomsoverdracht van het leaseobject centraal. Zo kan het eigendom direct overgaan, of kan het eigendom gedeeltelijk overgaan naargelang er meer wordt afgelost door de lessee.
Een veelvoorkomende vorm van financial lease is die in de vorm van een geldlening. De lessee ‘koopt’ een leaseobject en de lessor financiert de aankoop van dit object. Het eigendom gaat daarbij direct over op de lessee, en de lessee verplicht zich ertoe om een pandrecht te vestigen op het leaseobject ten behoeve van de lessor. Aangezien de hoogte van de lening doorgaans gelijk is aan de waarde van het leaseobject, wordt de geldlening volledig gedekt door het pandrecht op het leaseobject. De leasetermijnen zijn een aflossing van de geldlening, inclusief de rente.
Een andere zeer gebruikelijke vorm van de financial lease is die in de vorm van een huurkoop. Daarbij gaat de economische eigendom niet direct over op de lessee, maar heeft de lessor een eigendomsvoorbehoud. De lessee mag de koopprijs in termijnen voldoen en (pas) na volledige betaling van de koopprijs gaat het eigendom van het leaseobject over op de lessee. Ook hierbij geldt dat de waarde van het leaseobject de financiering volledig dekt. De leasetermijnen zijn deelbetalingen van de koopsom.
Op deze vorm van financial lease zijn de wettelijke bepalingen over goederenkrediet van toepassing. Het gevolg daarvan is dat er bepaalde vormvoorschriften kunnen gelden en dat bepaalde (dwingendrechtelijke) wetsbepalingen van toepassing kunnen zijn. Dit kan gevolgen hebben voor de leaseconstructie en is daarom belangrijk om alert op te zijn. Zo kan (bijvoorbeeld) het niet overeenkomen van een eigendomsvoorbehoud ertoe leiden dat de leaseconstructie mogelijk gekwalificeerd moet worden als koop op afbetaling, met als gevolg dat het eigendom van het leaseobject direct bij aanvang zou zijn overgegaan.
Een andere optie voor een onderneming om een 'snelle cash' in te krijgen en daarmee werkkapitaal te vergroten, is de sale en leaseback-constructie. Een onderneming verkoopt zijn bedrijfsmiddelen aan een lessor (de sale), om ze vervolgens van die lessor terug te leasen (de leaseback). De lessee ontvangt ineens een koopsom, waarna hij in leasetermijnen terugbetaalt.
Een voordeel van sale en leaseback kan zijn dat een onderneming werkkapitaal beschikbaar krijgt door haar zaken te verkopen. Een risico kan zijn dat de verkoop van (een deel van) de materiële activa aan een derde onder omstandigheden benadelend kan zijn voor schuldeisers van een onderneming. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de situatie dat de onderneming kort na de verkoop failleert. Bovendien kunnen, afhankelijk van hoe een sale en leaseback-constructie wordt ingericht, op deze constructie eveneens de wettelijke bepalingen omtrent huurkoop van toepassing zijn. Oók bij de sale en leaseback constructie is het dus belangrijk om nauwkeurig en oplettend te zijn bij het vastleggen van de afspraken.
Net als bij alle vormen van financiering geldt ook bij leasing: wees alert bij het aangaan van de financiering en de juridische vormgeving daarvan. Hoe de lease wordt vormgegeven maakt namelijk veel uit voor de kwalificatie van de lease. De kwalificatie bepaalt welke (wettelijke) regels van toepassing zijn op de lease, wat weer impact kan hebben op onder meer:
Onze specialisten helpen u hier uiteraard graag bij!
Bent u van plan om een financiering aan te gaan? Neem dan gerust contact op met een van onze financieringsspecialisten.